0%
artikel
Datum

03.10.11

Lamento di Medea, De Morgen 2011

Stephan Moens, 3 oktober 2011
Gezien op 26 september 2011 in Teatro Piccolo Arsenale in Venetië
 

De Biënnale van Venetië is niet alleen een wereldtentoonstelling van beeldende kunst. Het is ook een jaarlijks festival van hedendaagse muziek. Terwijl er op de tentoonstelling altijd Vlaamse kunstenaars een plaats hebben, ligt dat op het festival moeilijker. Dit jaar is het gelukt: met Lamento di Medea van Wim Henderickx is er zelfs een heuse muziektheatervoorstelling te gast, zij het in concertante vorm.

Vlaamse kunstenaars zijn regelmatig te zien op het mega-evenement dat de Biënnale is: niet alleen in het Belgische paviljoen maar ook op de vele parallelle evenementen. Dit jaar zijn bijvoorbeeld Jan Fabre, Koen Vanmechelen en Hans Op de Beeck van de partij maar ook, op de tentoonstelling die mecenas Axel Vervoordt elke keer in het Palazzo Fortuny inricht, Jan Borremans of een groot jong talent als Renato Nicolodi. Het is ook Axel Vervoordt die ervoor heeft gezorgd dat Muziektheater Transparant in het Piccolo Teatro in het Arsenale – de plaats waar een groot deel van de 'officiële' tentoonstelling plaatsvindt – een concertante versie van het muziektheaterwerk Medea van Wim Henderickx kan presenteren. Dat werk, op een tekst van Peter Verhelst en geregisseerd door Paul Koek, ging in mei van dit jaar in wereldpremière in deSingel in Antwerpen. Het werd bijzonder goed onthaald en toert inmiddels met veel succes door Vlaanderen en Nederland; er zijn ook uitnodigingen binnen voor Ierland en Zweden.

Met name de muziek van Wim Henderickx werd bejubeld. Voor Venetië was de volledige productie, met acteurs en al, niet haalbaar maar een concertante versie van Henderickx' muziek kon wel. Door de concentratie op één personage, Medea zelf, die na de moord op haar kinderen haar lot beklaagt, is het een ander werk geworden (daarom ook wijzigde Henderickx de titel in Lamento di Medea). Met de vier monologen van Verhelst zijn ook het verhaal, de dramatische tegenstellingen en de kundig gesuggereerde flashback verdwenen.

Wat overblijft is een in zichzelf besloten, op zichzelf cirkelende klaagzang van meer dan een uur, wellicht het langste lamento uit de muziekgeschiedenis (het bekendste voorbeeld, het Lamento d'Arianna van Monteverdi, duurt ongeveer tien minuten). Dat stelt een gedeelte van het moderne publiek, dat gewoon is geraakt aan snel wisselende indrukken, op de proef. Maar wie mee durft te gaan in de muziek, raakt niet alleen bedwelmd door de 'goddelijke lengtes' (zoals Schumann over de late werken van Schubert zei) maar realiseert zich gaandeweg ook beter wat de kindermoord betekent: het consequente afscheid van een te grote liefde, en daardoor ook een soort emotionele zelfmoord.

Daarom kan het puur muzikale Lamento di Medea zeer zeker ook een plaats veroveren in het 'normale' concertcircuit. In elk geval heeft Henderickx zich, mede door de voorbeeldige uitvoering van de Turkse sopraan Selva Erdener en het Vlaamse HERMESensemble, op het internationale podium kunnen presenteren als een onverwisselbare eigen stem. Dat is een niet geringe verdienste en een even grote opportuniteit.

De muziektheaterversie van MEDEA is volgend jaar in België nog te zien in NTGent, Toneelhuis en Bozar. www.transparant.be